PKN
  » Gedane Zaken » Archief 'Rondom levenseinde' 
Protestantse Gemeente Enschede
21 maart 2012 zorg in de laatste levensfase 21 maart 2012 zorg in de laatste levensfase

ZORG IN DE LAATSTE LEVENSFASE ’THUIS’

Margreet van der Meer, coördinator van Stichting Leendert Vriel Enschede, geeft informatie over aanvullende hulp aan mensen in de laatste levensfase en hun naaste in de thuisituatie.
‘Sterven is, net als geboren worden, iets groots in een mensenleven. Een belangrijk moment. Maar ook zwaar en vaak verdrietig. Als we zelf mochten kiezen, dan zouden we bijna allemaal het liefst thuis sterven, in ons eigen bed. De stichting doet er al jaren zijn best voor om juist dat mogelijk te maken.
De stichting wil ernstig zieke mensen de mogelijkheid bieden om thuis te sterven. Door inzet van vrijwilligers van de stichting worden de mantelzorgers ondersteund, waardoor de zorg voor de patiënt hen lichter valt’.

MIJN NAAM IS MARGREET VAN DER MEER

Ik ben blij dat ik vanavond mag vertellen over het werk van Stichting Leendert Vriel Enschede. Het is fijn omdat we het belangrijk vinden dat iedereen weet wie we zijn en wat kunnen betekenen voor mensen in de laatste levens fase en na het verlies van een dierbare. Ook hoop ik mensen te kunnen inspireren zich aan te melden voor dit bijzondere vrijwilligerswerk.

Iets over mijn achtergrond

Ik ben vroeger fysiotherapeute geweest . In die tijd heb ik jaren zwangerschapsbegeleiding gegeven. Op latere leeftijd ben ik de HBO V gaan doen. Aansluitend ben ik in 2006 als coördinator bij St Leendert Vriel begonnen. Dit werk doe ik samen met mijn collega Karin van der Keur. Zowel het begin als het einde zijn bijzondere momenten in het leven. Door mijn vorige werk en mijn huidige werk mag ik daar dichtbij zijn.
In het programma boekje staat: Sterven is, net als geboren worden, iets groots in een mensenleven. We houden ons echter liever bezig met de geboorte dan met de dood. Rond de bevalling is er veel aandacht voor moeder en kind. Heel anders gaat het bij het einde van het leven. Niet dat zieke mensen geen aandacht krijgen. De gezondheidszorg draait op volle toren. Maar men staat liever niet stil bij de laatste levensfase. Terwijl het ons allemaal aangaat. Ik vind het daarom mooi dat de commissie Bezinning en Bezieling van de Protestantse Gemeente in Enschede het initiatief heeft genomen het onderwerp “Is sterven nog doodgewoon” op verschillende manieren te verkennen.

Achtergrond van de palliatieve zorg

Voor de mensen die het woord palliatief niet kennen. We spreken van palliatieve zorg als genezing niet meer mogelijk is. Het hoofddoel van palliatieve zorg is het zorgen voor kwaliteit van leven. In de loop van de twintigste eeuw leidden wetenschappelijke en technische ontwikkelingen ertoe dat mensen in de laatste levensfase steeds meer werden opgenomen in ziekenhuizen en verpleeghuizen. De zorg van terminale patiënten werd overgenomen door beroepskrachten. De aandacht was tot het laatste moment gericht op behandeling waardoor het niet over het sterven en het einde ging. Hierdoor kwam sterven en dood steeds verder af te staan van het dagelijks leven.
In de jaren 60 begon dit te veranderen. Men ging zich realiseren dat medische behandeling en verpleging slechts één kant van de zorgverlening aan terminale patiënten is en dat er ook aandacht en erkenning moet zijn dat het einde nabij is. Als dat wordt erkend is er ook aandacht voor afscheid en verdriet. Het besef drong door dat doodgaan geen ziekte is en dat het niet noodzakelijk is om in een ziekenhuis te sterven. Terminale patiënten, maar ook hun familieleden wilden het liefst dat de patiënt thuis zou kunnen overlijden in de eigen vertrouwde omgeving.

Leendert Vriel

In 1971 krijgt Leendert Vriel te horen dat hij kanker heeft en daaraan zal overlijden. Hij geeft aan dat hij graag thuis wil sterven. Zijn vrouw Els Koldewijn is verpleegkundige . Zij  probeert aan de wens van haar man tegemoet te komen. Het echtpaar krijgt hierbij hulp van familie, vrienden en collega’s. Els en haar man vinden het belangrijk dat het taboe op kanker en sterven wordt doorbroken. Ze komen in contact met een journalist van het Algemeen Dagblad. Deze journalist volgt de familie Vriel tijdens het ziekteproces. Hij schrijft daar ruim twee jaar columns over in de krant. In de columns wordt de naam Leendert Vriel gebruikt, een pseudoniem. Na de dood van Leendert Vriel erkent Els dat ze al die tijd met een angst geleefd heeft.In haar eigen woorden: “De angst dat ik mijn belofte aan hem niet zou kunnen volhouden was zo beklemmend dat ik dacht: Dit mag nooit meer iemand anders overkomen ”. Els praat hierover met lotgenoten in een rouwgroep, later ook met anderen. Dit heeft tot gevolg dat in 1980 Stichting Leendert Vriel Enschede wordt opgericht. De eerste Stichting die vrijwilligers inzet in de terminale fase. Daarmee is Els Koldewijn  één van de grondleggers van de Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg in Nederland, afgekort VPTZ. Het initiatief in Enschede heeft veel navolging gekregen. Midden jaren 80 werd ook het eerste Hospice in Nederland geopend.Op dit moment zijn er in Nederland 210 organisaties aangesloten bij de landelijke vereniging VPTZ. 10.000 vrijwilligers zetten zich zowel thuis als in een Hospice in voor mensen in de laatste levensfase.

Visie op Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg

De zorg vanuit de vrijwilligersorganisaties is erop gericht om mensen in de laatste levensfase bij te staan met aandacht voor alle gevoelens die er kunnen zijn bij een naderend levenseinde. Deze zorg wordt geboden vanuit het idee dat elk mens uniek is en dat elk mens dus ook anders met de dood zal omgaan. Het sterven hoort bij het leven en hoewel ziekte eraan ten grondslag kan liggen, is het overlijden geen ziekte. Vrijwilligers kunnen hierbij aanvullend en ondersteunend zijn. Alleen al door de tijd te nemen en door aandacht en rust te tonen, wanneer gevoelens van angst, verdriet en onzekerheid naar buiten treden. In het stervensproces kan de zieke meestal terug vallen op familie of vrienden, de mantelzorgers. Maar in veel gevallen hebben deze zelf ook behoefte aan steun. Naast emotionele ondersteuning van de zieke en diens familie kan de vrijwilliger de nodige praktische zorg verlenen. Ook kunnen zij de mantelzorgers stimuleren om betrokken te blijven bij het proces van sterven en bij de zorgverlening. Uit de aanwezigheid van vrijwilligers kunnen de mantelzorgers weer nieuwe moed en energie putten.

Missie

De bovengenoemde visie lijdt tot de missie van VPTZ:  “Aan een ieder in de laatste levensfase en diens naasten bieden vrijwilligers, daar waar nodig, tijd, aandacht en ondersteuning”. LVE wil ook  “er zijn” nadat afscheid is genomen van een dierbare. LVE organiseert daartoe rouwbegeleiding met behulp van vrijwilligers voor hen die daaraan behoefte hebben. Er is individuele rouwbegeleiding en er zijn gespreksgroepen voor mensen waarvan de partner is overleden.
De vrijwilligers van de LVE willen, op verzoek en wanneer dat nodig is, een schakel zijn in de keten van zorgvrager, mantelzorgers en beroepsmatige zorg die het met elkaar mogelijk maken om mensen in hun laatste levensfase in een huiselijke sfeer te laten wonen en daar tijd en aandacht te ervaren. Het specifieke karakter van de vrijwillige palliatieve terminale zorg en de rouwbegeleiding is dat die laagdrempelig is en ingebed in de gemeenschap. LVE als organisatie wil een structurele grondslag en een professionele begeleiding bieden, die de continuïteit van de vrijwillige palliatieve zorg en de rouwbegeleiding kunnen waarborgen. Het is belangrijk dat de vrijwillige zorg goed is georganiseerd, zodat hulpvragen snel worden beantwoord en de vrijwilliger zich gesteund voelt in het geven van palliatieve zorg. LVE werkt waar nodig en nuttig samen met andere organisaties.
De laatste jaren besteedt de Stichting  ook extra aandacht aan het in gesprek gaan met mensen van niet Nederlandse afkomst. Ineke Bastemeijer is hiervoor speciaal als project coördinator aangesteld. Zij werkt samen met de werkgroep vrijwilligers diversiteit. Enkele van deze vrijwilligers zijn van Turkse afkomst.De zorg van vrijwilligers is aanvullende informele zorg. Er is geen indicatie nodig en er worden bij hulpvragers geen kosten in rekening gebracht. Het werkgebied van St LVE is Enschede en Haaksbergen.De Stichting heeft een 24 uurs bereikbaarheid.

Wanneer kunnen vrijwilligers worden ingezet?

Vrijwilligers kunnen in de terminale fase worden ingezet. De term terminaal  wordt voornamelijk gebruikt  voor patiënten die spoedig aan een ongeneeslijke aandoening gaan overlijden. De terminale fase is volgens de definitie de laatste 3 maanden van het leven. Het is moeilijk het begin van de laatste 3 maanden vooraf te bepalen. Een richtlijn daarbij is het moment dat zieke niet meer alleen kan zijn. Dan is eigenlijk 24-uurs zorg nodig. De zorg kan dan zwaar worden voor de familie, zeker als er weinig familie is of als familie ver weg woont. De ondersteuning van vrijwilligers kan zijn voor 1 of meer dagdelen en/of voor 1 of enkele nachten. Door het tijdelijk overdragen van de zorg aan een vrijwilliger kan de familie op krachten komen. Dit is belangrijk om de zorg tot het einde vol te kunnen houden. Vrijwilligers die ’s nachts waken, waken 1 nacht per week. Als er meerdere nachten ondersteuning nodig is dan worden er meerdere vrijwilligers ingezet. Aan dezelfde vrijwilligers wordt dan wel gevraagd of ze de weken daarna bij de zelfde hulpvrager ingezet kunnen worden. Soms kunnen we al in een eerder stadium ingeroepen worden voor het geven van emotionele ondersteuning.

Hoe kan ondersteuning gevraagd worden?

De ondersteuning kan door iedereen aangevraagd worden: de zieke, de familie of door professionals. Dat kan telefonisch of via de mail. Na de aanvraag maakt de coördinator een afspraak voor een huisbezoek. Als de vraag duidelijk is wordt een passende inzet georganiseerd. Het is daarbij belangrijk dat zowel de hulpvragers als de vrijwilligers zich prettig voelen bij het contact.


Wat doen de vrijwilligers?

De coördinator geeft de vrijwilliger informatie over de hulpvrager. Ook kan de vrijwilliger in overleg met de familie informatie lezen in het zorgdossier van de betrokken thuiszorgorganisatie. Het uitgangspunt bij het waken  is dat de zieke zo lang mogelijk de regie over het eigen leven houdt. Zijn of haar wensen en die van de naasten staan centraal en de keuzes worden gerespecteerd. De vrijwilliger richt de aandacht op de zieke en  de naasten vooral door te luisteren. Ze kunnen informatie geven en eenvoudige praktische handelingen verrichten zoals het geven van eten en drinken, het helpen naar de toilet gaan. Ook kunnen ze veranderingen signaleren. Deze kunnen aan de coördinator doorgegeven worden. De coördinator zal indien nodig contact opnemen met de familie of met de thuiszorg. Een groot verschil met de professionele zorg is dat vrijwilligers niet speciaal voor een handeling komen. Zij zijn aanwezig,  kijken, luisteren en doen wat nodig. Soms is het waken alleen maar aanwezig zijn zonder daadwerkelijk iets te doen. Vrijwilligers kunnen altijd op de coördinator terugvallen. Na elke inzet belt de coördinator de vrijwilliger om te horen hoe het waken  geweest is. Voor verpleegtechnische handelingen is de bereikbare dienst van de betrokken thuiszorgorganisatie in te roepen.

Wie zijn vrijwilliger?

Vrijwilligers zijn mensen die belangstelling hebben voor de medemens. Belangrijk bij dit werk is een open houding. Vrijwilligers moeten oordeelvrij  kunnen waarnemen en oog  hebben voor een ander. De  vrijwilliger moet bescheiden zijn, maar soms ook doortastend. En vrijwilligers moeten zelfstandig kunnen werken. De vrijwilliger verklaart strikte geheimhouding te zullen bewaren, ten aanzien van alle kennis van persoonlijke, medische en verpleegkundige gegevens tijdens zijn/haar werkzaamheden als vrijwilliger van de Stichting verkregen. Zowel vrouwen als mannen kunnen het vrijwilligerswerk doen. Sommige vrijwilligers hebben een zorgachtergrond. Maar dat is niet echt nodig. Met belangstellenden hebben de coördinatoren een kennismakingsgesprek. Als dit gesprek voor beide partijen positief is wordt de aspirant vrijwilliger opgegeven voor de introductiecursus. De introductiecursus is een voorbereiding op het werk. Tijdens deze cursus leren vrijwilligers na te denken over wat het met iemand doet als hij of zij te horen heeft gekregen dat hij of zij ernstig ziek is. Communicatie is en belangrijk onderdeel, maar ook spiritualiteit komt aan de orde. En er worden praktische vaardigheden geleerd. De cursus bestaat uit 8 dagdelen. Na de introductiecursus kunnen vrijwilligers in de praktijk worden ingezet. De coördinatoren organiseren evaluatieochtenden waar de vrijwilligers hun ervaringen met andere vrijwilligers kunnen delen. Ook worden thema bijeenkomsten georganiseerd. Jaarlijks zijn er enkele gezellige bijeenkomsten voor vrijwilligers.


Nazorg

Na het overlijden van de zieke wordt de familie gecondoleerd. Soms gaan de vrijwilligers en de coördinator naar een avondwake of een uitvaart. Dit is afhankelijk van de situatie. Na enkele weken neemt de coördinator nog een keer contact op met de familie om te vragen hoe het gaat. De zorgverlening wordt geëvalueerd en er wordt op de mogelijkheid van ondersteuning bij het verlies gewezen.
Ik wil graag eindigen met een gedeelte uit een gedicht van Theo van de Vossenberg.

Een eindje meelopen

Ze vragen om een eindje mee te lopen, luisterend en pratend, om de dingen op een rij te krijgen, om hun leven te voltooien. Een eindje meelopen, als de situatie duister is en alle zon verdwenen, bij tegenslag en lijden, bij dood en rouwverwerking. Een dringende vraag naar een levende praatpaal, een mens die van harte gezelschap biedt.


Dan wordt er iets van je gevraagd, vooral  als dat eindje|het laatste eindje is van de levensweg:een zieke in zijn sterven begeleidendat beroep is zwaar.Je wordt tot op je fundamenten aangesproken,op je geloof in het leven,Je hoop op de toekomst.Daarom deinzen mensen hiervoor terug.

Ze negeren de vraag of lopen er met een grote boog omheen. Maar als je het aandurft, ook dat laatste eindje met iemand mee te lopen, dan gebeurt er vaak een wonder. De rollen worden omgekeerd. Je ontmoet een diep geloof, een moedige overgave, een onschokbaar vertrouwen.Het wordt meer ontvangen dan geven. Je komt er gesterkt en gerijpt vandaan.
Ik dank u voor uw aandacht

 

 

 

Sophie van Houwelingen speelde op altviool muziek van Bach


 

 

terug
 
 
 

Inloggen


 

Spreekuur predikant
datum en tijdstip 17-09-2019 om 10:00
meer details

Coventrygebed
datum en tijdstip 20-09-2019 om 13:15 uur
meer details

Netwerkcafé 21+
datum en tijdstip 20-09-2019 om 17:30
meer details

Kerk op Schoot - Brood en Vis
datum en tijdstip 02-10-2019 om 9.30
meer details

 
Ons kerkgebouw

 
Uw vraag
Veelgestelde vragen
 
Kerkblad

'Kerk en Stad' PDF
Lees hier de tabloid van K&S
Aanmelden voor Kerk&Stad per mail

 
Privacy
Privacyverklaring
 
  Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.